Stap 1: Interesse, en nu? Als u geïnteresseerd bent om mentor te worden, kunt u dat aangeven bij de stichting in uw regio. U zult eerst met de regiocoördinator een intake gesprek voeren, waarin u uw motivatie kunt aangeven en u alle nodige informatie krijgt. De coördinator bepaalt of u geschikt bent en of het traject met u wordt voortgezet. Vervolgens krijgt u een cursus aangeboden. Deze scholing kan verschillen per regio, qua tijdsduur en planning. Het maakt ook verschil welke ervaring en vaardigheden u meebrengt. Tijdens de cursus bouwt u kennis op over dementie en andere ziektes, uw rechten en plichten als mentor, de gang van zaken in zorginstellingen en u leert door rollenspel hoe om te gaan met de betrokken partijen.
Stap 2: De kennismaking Via de regiocoördinator wordt u gekoppeld aan een cliënt. Dit kan tijdens of na de voltooiing van de cursus plaatsvinden. Het is belangrijk voor degene die mentorschap nodig heeft, om een mentor te vinden die zo goed mogelijk bij die persoon en situatie past. Maar ook ‘de klik’ is belangrijk. Ieder mens heeft immers bepaalde karaktereigenschappen en een verleden die hem vormen. Bij voorkeur onderzoeken we tijdens het proces van aanvraag of u als mentor bij de betrokkene past. Dus nog voordat de rechter beslist.
Stap 3: Het officiële traject Nadat de kantonrechter een verzoek tot mentorschap heeft ontvangen, overlegt hij eerst met alle betrokkenen. Ook met de persoon om wie het gaat, de kandidaat-mentor en belangrijke anderen, zoals een arts of familielid. Daarna bepaalt de kantonrechter of, en met welke maatregelen, de cliënt zou kunnen worden ondersteund. In zijn beslissing vermeldt hij wie tot mentor wordt benoemd en wat de ruimte en grenzen zijn van de mentorrelatie. Na deze zogenaamde ‘beschikking’ is het mentorschap officieel.
Voor zeer uitgebreide informatie over alle vormen van officiële belangenbehartiging; download hier de brochure ‘Curatele, bewind en mentorschap’ van het Ministerie van Justitie.
Stap 4: Aan de slag Geen enkele mentorschap is hetzelfde. Dat verschilt uiteraard per situatie. Toch zal iedere mentor in het begin wat meer dan de gemiddelde 10 uur per maand nodig hebben voor het leren kennen van alle betrokken partijen. Zijn er nog familieleden die iets over uw cliënt kunnen vertellen, en wat staat er in het dossier? Ook de zorgverleners kunnen vaak vertellen hoe de betrokkene als mens was, als hij of zij al langere tijd in een instelling verblijft. Misschien komt u meteen voor een grote beslissing te staan. Mocht u vragen hebben of op problemen stuiten, dan kunt u ook altijd overleggen met de coördinator in uw regio.
Stap 5: Einde mentorschap Een mentorschap kan drie maanden duren maar ook 15 jaar. Weet dus waar u aan begint! U kunt een mentorschap niet zomaar beëindigen. Wilt u op een lange vakantie, dan zult u zelf voor een goede vervanging moeten zorgen. Een mentorschap eindigt wanneer daar geen noodzaak meer toe is; één van de beide komt te overlijden; er een eindtijd is vastgesteld of als een mentor zelf niet meer in staat is om de belangen van een ander te behartigen. Wanneer één van de partijen het mentorschap wil beëindigen, moet dit bij de kantonrechter worden aangevraagd. In de regel zal hij er mee instemmen, zeker wanneer er is voorzien in goede vervanging.
