Tweede Kamer spreekt zich uit voor voortzetting vrijwillig mentorschap

Minder  snelle  subsidieafbouw vanuit VWS  maakt voortzetting van het werk van de regionale stichtingen mentorschap  beter mogelijk
Medio 2010 kwam door bezuinigingsdruk en een subsidiestop van VWS de voortzetting van het vrijwillig mentorschap ernstig op de tocht. Daarop werd  in de Tweede Kamer, bij de behandeling van de begroting voor VWS, een motie ingediend. Hierin werd  de Staatssecretaris verzocht  te kijken naar een minder snelle subsidieafbouw, zodanig dat hetgeen aan bemiddeling en begeleiding werd opgebouwd, voortgezet kan worden.  Deze motie, ingediend door mw. Wiegman van de Christen Unie c.s.,  werd met algemene stemmen aangenomen.
Staatssecretaris mw. Veldhuijzen van Zanten  van VWS bleek de motie te willen uitvoeren en nodigde Mentorschap Netwerk Nederland in december uit voor overleg, om te kijken op welke wijze voortzetting mogelijk gemaakt kon worden.
In dit overleg is afgesproken dat de subsidie niet meer  ineens wordt gestopt maar dat dit geleidelijk zal gebeuren.  De oorspronkelijke startsubsidie was € 60.000/jaar. Voor alle regio’s waar deze subsidie in 2011 stopt wordt nu nog € 30.000 beschikbaar gesteld in 2011 en € 15.000 in 2012.
Hierdoor krijgen de regionale stichtingen een meer reële kans om komend jaar  de nodige middelen erbij te zoeken om het werven, bemiddelen, koppelen en begeleiden van vrijwillige mentoren voort te zetten.  Dit is en blijft een hele opgave, maar niet irreëel.
MNN en de aangesloten stichtingen zijn er dan ook zeer verheugd over dat het tempo van afbouw is vertraagd, waardoor er nu een situatie is waarin voortzetting beter mogelijk is. 

Van tijdelijke overbruggingsfinanciering naar bekostiging  door cliënten
Het Ministerie van Veiligheid en Justitie werkt op dit moment aan een aantal wetswijzigingen  rondom het mentorschap.  Geregeld wordt dat regionale stichtingen mentorschap tot mentor kunnen worden benoemd. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie gaat kwaliteitseisen formuleren en tarieven, die de cliënt moet betalen als kostenvergoeding. Het gaat bij vrijwillig mentorschap om onkosten van de vrijwilliger en kosten van de coördinatie-activiteiten van de stichting. Dit laatste betreft met name  werving/selectie, scholing en begeleiding, hetgeen nodig is om te zorgen dat  goed mentorschap geboden wordt. 
Verwacht wordt  dat zeker vanaf 1 januari 2013, of mogelijk eerder, de wetswijzigingen in werking zullen treden.  De Tweede Kamer heeft de  Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie gevraagd er  voortvarend werk van te maken.
Het huidige financieringsprobleem is dus vooral een tijdelijk overbruggingsvraagstuk.

Aandacht nodig voor “vangnet”-mogelijkheden
Om in de periode tot de gewijzigde wet van kracht wordt, de begroting rond te krijgen, kunnen de regionale stichtingen mentorschap, naast het vragen van bijdragen aan bijv. gemeenten en zorgaanbieders, ook vragen aan kantonrechters om, gelet op de wetswijziging die komt en de kwaliteit die feitelijk al wordt geboden, nu al in de benoemingsbeschikkingen op te nemen dat een bijdrage in de kosten van de stichting in rekening gebracht kan gaan worden bij de cliënt.
Mentorschap Netwerk Nederland vindt dit redelijk, mits er voor cliënten met geen of weinig inkomen, redelijke vangnetten zijn, zoals bijzondere bijstand en mogelijkheden om  de kosten in mindering te brengen van de eigen bijdragen voor zorg en ondersteuning.  MNN zal komende tijd gaan bezien hoe dit kan worden bepleit.
Meer weten?
Stel uw vraag aan het landelijk bureau  van Mentorschap Netwerk Nederland te Utrecht middels het contactformulier, via info@mentorschap.nl of telefoon 030 – 23 07 190

Voor meer informatie kunt u kijken bij de folders die u via deze site kunt downloaden of bestellen.
Voor verdere vragen kunt u terecht bij de regionale stichting bij u in de buurt

Bij hen kunt u zich ook aanmelden als u belangstelling heeft om mentor te worden.